Hof veroordeelt Pegida-voorman voor groepsbelediging, vrijspraak van belediging burgemeester en overtreding noodbevel
In dit artikel:
Het gerechtshof Arnhem‑Leeuwarden heeft de 58‑jarige voorman van Pegida veroordeeld tot een werkstraf van 20 uur voor groepsbelediging van moslims. Het hof oordeelt dat een beledigend bericht op het Facebookaccount van Pegida, waarin moslims in het algemeen worden beschuldigd van ernstige strafbare feiten en de islam wordt vergeleken met het nazisme, onnodig grievend is en de grenzen van vrijheid van meningsuiting overschrijdt. Omdat meerdere personen toegang hadden tot het account kon niet bewezen worden dat hij het bericht zelf plaatste, maar als beheerder heeft hij het niet verwijderd en wordt dat als delen aangerekend.
De man is vrijgesproken van belediging van burgemeester Ahmed Marcouch. In een filmpje op X noemde hij Marcouch “geen bestuurder, is een echte islamist”; het hof vond de uitlating, gezien context en debatkarakter, niet strafbaar. Ook is hij vrijgesproken van overtreding van een in maart 2024 door de burgemeester opgelegd noodbevel voor Arnhem: tijdens zijn komst naar een zitting sleepte hij een Koran aan een hondenriem en zwaaide daarmee, maar het hof stelt dat het noodbevel hem alleen beperken in gebiedsbetreding en dat zijn aanwezigheid voor de zitting was toegestaan, zodat die gedraging niet onder dat bevel valt.
Het hof stelt verder vast dat zijn provocerende gedrag wel heeft geleid tot ordeverstoring, maar kwalificeert dit niet als strafbaar, omdat het onder demonstratierecht valt en het lokale APV‑artikel niet gebruikt mag worden om dat recht te beperken (op basis van recente Hoge Raad‑uitspraken). Voor die ordeverstoring zijn ook geen andere strafrechtelijke bepalingen tegen hem ingediend.