18 jaar cel voor moord op ex-partner
In dit artikel:
Een 31-jarige man uit Arnhem is door de rechtbank veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 18 jaar voor de moord op zijn 31-jarige ex-partner. Op 29 april 2025 belde hij de politie en zei dat hij haar had gedood en had geprobeerd zelfmoord te plegen. Politie trof het slachtoffer in de gezamenlijke woning aan; zij was door hem om het leven gebracht.
De rechtbank oordeelt dat het om een opzettelijke daad met voorbedachten rade ging: volgens het vonnis had de man voldoende tijd gehad om over het besluit en de gevolgen na te denken. Zijn verklaring dat het een impulsieve daad zou zijn geweest, werd niet geloofd. Bewijs van planning omvatte afscheidsbrieven die hij die dag naar een vriend e-mailde, met daarin niet alleen verwijzingen naar zelfdoding maar ook naar het doden van de vrouw, praktische regelingen over de nalatenschap en telefooncodes. Zinnen uit chats die hij vanaf 19 april naar zichzelf stuurde verschenen in die brieven; op 25 april bracht hij waardevolle spullen naar een vriend ter bewaring. Op 29 april werkte hij nog aan documenten om 16:06 en 17:30 uur, de vrouw stuurde om 17:34 uur nog een appje, de brieven werden om 18:42 verzonden en om 19:37 uur meldde hij de dood aan zijn vriend.
De rechtbank stelt dat de dader handelde omdat hij het onverteerbaar vond dat zij zonder hem verder zou gaan. De impact op de nabestaanden is volgens het vonnis groot en onherstelbaar. De straf is lager dan door de officier van justitie geëist omdat de rechtbank grotendeels de adviezen van psycholoog en psychiater volgde en het feit verminderd toerekent. Naast de gevangenisstraf kreeg hij een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd. Tot slot moet hij ruim 75.000 euro schadevergoeding betalen aan de ouders en zus van het slachtoffer.